Rekenrente pensioen: waarom het zo belangrijk is

Hoewel zij een bedrag van ongeveer 1.000 miljard euro beheren, hebben de Nederlandse pensioenfondsen de laatste jaren moeilijke tijden doorgemaakt. Door de lage rekenrente zijn de dekkingsgraden gedaald. Maar wat is rekenrente nu precies en waarom zijn de gevolgen van een lage rekenrente zo groot voor uw pensioen?

Dekkingsgraad

De rekenrente beïnvloedt de dekkingsgraad van een pensioenfonds. Deze dekkingsgraad  geeft de verhouding aan tussen de hoeveelheid geld in kas (de pensioenbeleggingen) en het geld dat naar verwachting nodig is om de beloofde pensioenen te kunnen uitkeren (de toekomstige pensioenverplichtingen). Als de dekkingsgraad 100% is dan gaat dit waarschijnlijk lukken, als de dekkingsgraad lager is dan 100% niet.

Rekenrente bepaalt waarde pensioenverplichtingen

Natuurlijk is het niet eenvoudig om vast te stellen hoeveel geld je precies nodig hebt om gedurende vele jaren pensioenen uit te keren. Zeker is echter dat er meer moet worden uitgekeerd dan er nu in kas is. Dat meerdere moet komen uit het rendement op de pensioenbeleggingen. Door dit toekomstige rendement niet te hoog in te schatten – en jezelf dus niet te rijk te rekenen – is er meer zekerheid dat de beloofde pensioenen ook daadwerkelijk uitgekeerd kunnen worden.

De rekenrente wordt mede afgeleid van de marktrente die geldt voor beleggingen met weinig tot geen risico. Pensioenfondsen moeten deze rekenrente van De Nederlandsche Bank (DNB) gebruiken voor het waarderen van toekomstige verplichtingen.

Tot voor kort mochten zij rekenen met een lange termijn rekenrente (Ultimate Forward Rate) van 4,2%, maar vanaf 15 juli 2015 wordt deze op een andere manier berekend dan voorheen. Medio 2015 is deze rekenrente vastgesteld op 3,3%.

Lagere rekenrente: minder indexatie, premiestijging en mogelijke pensioenkorting

Door de crisis is de marktrente – en daarmee de te hanteren rekenrente – flink gedaald. Hierdoor moet er meer geld worden gereserveerd om alle pensioenen uit te keren. Ook sommige pensioenbeleggingen zoals obligaties zijn afhankelijk van die marktrente. De waarde van deze beleggingen kan ook zijn gestegen, maar vaak minder dan de waardestijging van de pensioenverplichtingen.

Daardoor is de dekkingsgraad toch gedaald, wat in het ergste geval heeft geleid tot verlaging van de pensioenuitkeringen. Verder zijn vele pensioenen de laatste jaren niet meer geïndexeerd, waardoor koopkrachtverlies is ontstaan. Daarnaast moesten pensioenpremies die worden betaald door werkgevers en werknemers, worden verhoogd.

Mede door de positieve beleggingsresultaten zijn de dekkingsgraden de afgelopen periode weer geleidelijk gestegen. De verlaging van de rekenrente vanaf 15 juli 2015 betekent echter weer een daling van de dekkingsgraden van pensioenfondsen, hogere kostendekkende pensioenpremies en mogelijk een hogere werknemersbijdrage. En als er tussen de sociale partners een vaste premie is afgesproken, kan dit gevolgen hebben voor de hoogte van de pensioenopbouw.

Meer weten

Heeft u vragen over uw -toekomstige- pensioen of over andere zaken die met uw inkomen te maken hebben? Stel ze gerust aan ons.